" En jij neemt dat allemaal niet persoonlijk?!"

Gepubliceerd op 14 december 2021 om 17:59

Rotwijf, rot op, hou je bek of ik hoop dat je dood gaat... Geen fijne dingen om te horen, maar binnen het VSO wel mogelijk. Soms wordt een leerling zo boos, dat er een tafel wordt omgegooid of dat er even lekker met de deuren wordt gegooid. 


Een van de meest gestelde vragen die ik krijg als ik zegt dat ik in het VSO werk is: "Maar neem je dat dan niet persoonlijk". En eigenlijk is mijn antwoord altijd nee. Ik heb nog geen situatie gehad, waardoor ik écht geraakt was door datgene wat er door de leerling gezegd of gedaan werd. Ik zeg niet dat de situatie mij niets doet, in tegen deel, Het doet mij altijd wat. Ik vind het altijd vervelend als ik zie dat een leerling vastloopt of als ik de frustratie zie op lopen en ik ben net een seconde te laat ben...
Ja, daar baal ik wel van. Maar ik baal niet omdat het tegen mij gezegd wordt. Want ik weet namelijk dat er wat achter dit gedrag zit. Sterker nog... Ik ben in mijn hoofd al 3 stappen verder. 


Je moet je voorstellen dat er geen VSO is zonder gefrustreerde kinderen. Dat zou namelijk ook hilarisch zijn want waarom zitten ze dan op het VSO. Wij zeggen ook wel eens: "Ze zitten hier niet voor hun stinkvoeten". Frustratie heb je alleen in heel veel vormen en maten. Sommige leerlingen trekken zich terug en worden stil. Sommige stoppen volledig met praten, kijken je niet meer aan en willen het liefst onzichtbaar zijn. En inderdaad, sommige leerlingen worden boos. Gooien dan met spullen, slaan of beginnen te schelden. Maar... Als je achter dit gedrag kan kijken en je ziet waar het gedrag vandaan komt, dan zie je de frustratie, het verdriet of de machteloosheid en hoef je nooit iets persoonlijks te nemen :).


Als je een goede basis neerzet, zal je merken dat een escalatie onderdeel is van het kennismakingsproces (Formingfase; oftewel de verkenningsfase) en daarna langzaam verdwijnt. Dan kan je namelijk frustratie gaan voorkomen. Beter gezegd: Je werkt de-escalerend. Een van de mooiste onderdelen van mijn beroep. De-escalerend werken houdt voor mij in dat ik in de formingsfase een leerling goed heb geobserveerd. Ik heb meerdere malen contact gehad met mijn klassenteam over wat we zien en wat we denken. Daarnaast bel ik ouders regelmatig om te bespreken hoe het thuis gaat en om gedrag wat ik niet direct begrijp, te bespreken. Ik verdiep mij in dossiers, lees mij indien nodig, in de problematiek of heb contact met juffen en meester uit het verleden. Ik pas mijn aanpak regelmatig aan en hou alles bij in het Ontwikkelperspectief plan. En dit, dit doe ik ongeveer 10x per week. Samen met de orthopedagoog, de klassenondersteuner, de achtervang en ouders.. En dan...Uiteindelijk... 

Hebben we een handleiding geschreven, nemen de frustraties af en kunnen we ons effe lekker gaan gedragen. 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.